WW-uitkering - Werkloosheidswet (WW)

De WW-uitkering is een uitkering die je ontvangt als je werkloos wordt en aan een aantal voorwaarden voldoet. Hoe werkt de WW? De regels die van toepassing zijn op WW-uitkering worden op deze pagina beschreven. De WW-uitkering wordt geregeld in de Werkloosheidswet (WW).

Het regeerakkoord en de WW

Het regeerakkoord tussen de VVD en de PvdA heeft een groot effect op de WW. In het regeerakkoord is namelijk afgesproken dat de duur van de WW lager zal worden. De duur van de WW wordt in het regeerakkoord beperkt tot twee jaar (24 maanden). In het eerste jaar zal de WW nog gekoppeld zijn aan het laatst verdiende loon, maar daarna zal de WW aan het wettelijk minimumloon worden gekoppeld. Je krijgt in het tweede jaar van je WW (als je daar überhaupt recht op hebt) dan 70% van het minimumloon als WW uitkering.

Op wie is de WW van toepassing?

De WW is van toepassing op werknemers. Werknemers hebben recht op en WW-uitkering als ze aan een aantal voorwaarden voldoen. Het begrip werknemer wordt breed uitgelegd, want niet alleen werknemers in de vorm van een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke dienstbetrekking vallen onder het regime van de WW, maar ook andere arbeidsverhoudingen worden beschermd door de WW. Zo kunnen volgens art. 4 en 5 van de WW ook thuiswerkers, de musicus, de artiest, en bijvoorbeeld een prof sporter als werknemer worden gezien in de zin van de WW en mogelijk een WW-uitkering ontvangen.

WW-uitkering aanvragen

Een WW-uitkering vraag je aan bij het UWV WERKbedrijf. Dit kan tegenwoordig ook online via werk.nl. Je moet een aantal gegevens invullen, zoals je werkervaring, opleiding, gewenste functie enz. Je hebt ook een online cv op werk.nl. Werk.nl is vaak slecht te bereiken, waardoor het verstandig is om buiten de drukte de website te bezoeken.

Voorwaarden WW-uitkering

ww-uitkering, werkloosheidswetOm een WW-uitkering te mogen ontvangen moet je aan een aantal voorwaarden voldoen. Zo moet je verzekerd zijn voor werkloosheid. Hiernaast moet je werkloos zijn en aan de referte eis voldoen. Tevens moet er geen uitsluitingsgrond voordoen. Deze eisen zullen hieronder verder worden belicht.

Werkloosheid volgens de WW

Om werkloos te zijn in de zin van de WW moet je aan drie eisen voldoen. Ten eerste moet je ten minste vijf of ten minste de helft van je arbeidsuren in een bepaalde kalenderweek hebben verloren. Je moet ook het recht op onverminderde doorbetaling van je loon over deze uren zijn verloren. Hiernaast moet je beschikbaar zijn om arbeid te aanvaarden.

Arbeidsurenverlies

Het arbeidsurenverlies uit de WW houdt in dat  het aantal uren dat de werknemer werkt in een kalenderweek minder wordt dan het aantal arbeidsuren dat hij gemiddeld per week in de 26 kalenderweken voorafgaand aan dit verlies heeft gewerkt. Voor het arbeidsurenverlies is het niet relevant of ook sprake is van geheel of gedeeltelijke beëindiging van de dienstbetrekking. Er hoeft dus geen sprake te zijn van ontslag. Er is ook sprake van arbeidsurenverlies in de zin van de WW als de werkgever een werknemer niet laat werken als gevolg van een schorsing of als gevolg van werktijdverkorting.

Hoeveel arbeidsurenverlies?

Het arbeidsurenverlies moet in beginsel minimaal 5 uur zijn geweest. Verlies je dus 4 uur, dan is er geen werkloosheid in de zin van de WW. Maar de WW geeft nog een regel: als je meer dan de helft van je arbeidsuren hebt verloren ben je ook werkloos in de zin van de WW. Stel dat je dus maar 8 uur in de week werkt en je verliest hiervan 4 uur, dan ben je werkloos in de zin van de WW. Ga je van een gemiddeld aantal arbeidsuren van 40 naar 30 uur in een bepaalde kalenderweek, dan ben je voor 10 uur werkloos. In het geval dat je in een bepaalde week helemaal niet kunt werken, dan ben je in het geval dat je gemiddeld 40 uur kon werken, voor 40 uur per week werkloos geworden. De eis dat 26 weken terug wordt gekeken is vooral van belang voor mensen die onregelmatige weken werken.

Loonverlies

Om aanspraak te maken op een WW-uitkering, moet naast arbeidsurenverlies ook sprake zijn van loonverlies. Dit houdt in dat je ook het recht op onverminderde loondoorbetaling moet hebben verloren. Als je nog in dienst bent bij je werkgever moet worden bepaalt aan de hand van art. 7:628 BW of je nog recht op loon hebt. In de WW geldt verder een speciale regeling dat bepaalde vergoedingen die civiel gezien niet als loon worden beschouwd met loon gelijkstelt. Het gaat dan om inkomsten waarop je als werknemer recht hebt in verband met de beëindiging van je dienstbetrekking, indien dit aan de orde is. Maar let op: alleen gelden die worden ontvangen omdat de rechtens geldende opzegtermijn niet in acht is genomen tellen mee. Andere ontvangen gelden worden dus niet gelijkgesteld als loon in de WW. De gelijkstelling met het recht op onverminderde loonbetaling is dus maximaal het bedrag dat de werknemer zou hebben ontvangen als de arbeidsovereenkomst met inachtneming van de rechtens geldende opzegtermijn zou zijn opgezegd.

Beschikbaar om arbeid te aanvaarden

Een derde belangrijke eis die moet worden vervuld voor een WW-uitkering is dat je beschikbaar moet zijn om arbeid te aanvaarden. Voor de beschikbaarheid om arbeid te aanvaarden in de zin van de WW moet worden onderzocht of iemand beschikbaar is voor de arbeidsmarkt, dus bereid en in staat is om als werknemer, als zelfstandige of in het vrije beroep een inkomen te verwerven.

Wanneer ben je beschikbaar om te werken?

Voor de beschikbaarheid om arbeid te aanvaarden is niet van belang wat de omvang en aard van deze beschikbaarheid is. Iemand die alleen deeltijd wil werken is dus ook beschikbaar om arbeid te aanvaarden en kan zo recht hebben op een WW-uitkering. Bij het onderzoek naar de  beschikbaarheid om arbeid te aanvaarden wordt gekeken naar de feitelijke toestand en naar de houding en het gedrag van de werknemer. Feiten en omstandigheden die relevant kunnen zijn kunnen worden gevonden in het feit dat iemand een volledige arbeidsongeschiktheidsuitkering is toegekend, waardoor hij wegens medische oorzaken niet in staat zal zijn om arbeid te aanvaarden. Ook als je aan een studie begint zal je niet beschikbaar zijn. Het UWV heeft wel een uitzondering gemaakt als het gaat om een opleiding die door het UWV noodzakelijk wordt geacht. De houding en het gedrag zijn pas relevant als geen feitelijke omstandigheden zijn vastgesteld, waardoor de werknemer niet beschikbaar is. De werknemer moet dan duidelijk en eenduidig hebben laten weten dat hij zich niet beschikbaar voor arbeid stelt en dat ook niet wil.

Referte-eis WW-uitkering

De referte-eis waaraan je moet voldoen om een WW-uitkering te ontvangen houdt in dat je als in de 36 weken voorafgaand aan je werkloosheid in ten minste 26 weken als werknemer arbeid moet hebben verricht. Je moet dus een minimaal aantal weken hebben gewerkt om een WW-uitkering te kunnen ontvangen. De hoeveelheid werk die is verricht is niet van belang voor de referte-eis van de WW-uitkering. Het gaat erom dat je voldoet aan de 26 weken die je moet hebben gewerkt. Niet alleen je laatste dienstbetrekking is relevant, maar ook waar je voor je laatste dienstbetrekking werkte, indien dit onder het aantal weken van de referte-eis valt. Gelijkgesteld met gewerkte weken zijn bepaalde weken waarin niet is gewerkt, maar wel loon is ontvangen. Ook gelden weken waarin naar aanleiding van de beëindiging van een dienstverband schadevergoeding door de ex-werknemer is ontvangen.

Geen uitsluitingsgronden van toepassing

Om een WW-uitkering toegekend te krijgen moeten er geen uitsluitingsgronden aan de orde zijn. Er zijn een flink aantal uitzonderingsgronden te noemen. Zo mag je geen uitkering ontvangen op grond van de Ziektewet of een uitkering die naar aard en strekking hiermee overeenkomt ontvangen of sommige uitkeringen op grond van bijvoorbeeld de Wet WIA, zoals een WGA-uitkering of een IVA-uitkering. Het doel van de uitsluitingsgronden is dus onder andere om het dubbel verstrekken van uitkeringen tegen te gaan. Naast de eis die hiervoor is genoemd mag je ook niet je buiten Nederland bevinden behoudens wegens vakantie, moet je rechtmatig in Nederland verblijven, mag je vrijheid niet rechtens zijn ontnomen, moet je je niet onttrekken aan een vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel, moet je nog geen 65 jaar oud zijn, niet vakantie genieten en niet werkloos zijn ten gevolge van een werkstaking of uitsluiting.

Eindigen WW-uitkering

Het recht op een WW-uitkering eindigt op grond van een aantal verschillende redenen Zo eindigt het recht op een WW-uitkering als je de hoedanigheid van werknemer verliest, bijvoorbeeld als je als zelfstandige (ZZP'er) aan de slag gaat. Het recht op de WW-uitkering verlies je ook als je niet langer werkloos bent of als een nieuw recht op uitkering is ontstaan of als een van de uitzonderingsgronden zich voortdoet. Ga je in plaats van de vroegere 40 uur in de week 30 uur werken, dan kun je voor de resterende 10 uur nog steeds een WW-uitkering ontvangen. Als de hierboven genoemde omstandigheden niet meer gelden, omdat iemand bijvoorbeeld weer werkloos wordt, dan is het mogelijk dat het recht op een WW-uitkering weer zal gelden.

Tijdige aanvraag WW-uitkering

De WW-uitkering moet tijdig worden aangevraagd. Er wordt geen WW-uitkering verstrekt voor werkloosheid die gelegen is in een periode voor 26 weken voorafgaand op de dag dat je de WW-uitkering aanvraagt. Wees dus op tijd met het aanvragen van de WW-uitkering!

Voldoen aan verplichtingen WW

Naast de hiervoor genoemde eisen moet de werknemer tevens voldoen aan een aantal verplichtingen uit de WW. Voldoe je niet aan deze verplichtingen dan kan je WW-uitkering worden geweigerd of worden verminderd of wordt een boete gegeven.

Verwijtbare werkloosheid

Als je verwijtbaar werkloos bent geworden wordt de WW-uitkering geheel en blijvend geweigerd. Je bent verwijtbaar werkloos als je bent ontslagen wegens een dringende reden in de zin van art. 6:678 BW en aan jou als werknemer een verwijt kan worden gemaakt. Ook ben je verwijtbaar werkloos geworden als de dienstbetrekking is geëindigd door of op verzoek van de werknemer zonder dat aan de voortzetting ervan zodanige bezwaren waren verbonden, waardoor deze voortzetting redelijkerwijs niet van hem kon worden gevergd.

Weigeren aanvaarden passende arbeid

Als je weigert om passende arbeid te aanvaarden dan wordt de WW-uitkering voor het deel dat je had kunnen werken blijvend geweigerd. Passende arbeid is alle arbeid die voor de krachten en bekwaamheden van de werknemer zijn berekend, tenzij de arbeid niet kan worden aanvaard wegens redenen van lichamelijke, geestelijke of sociale aard.

Duur WW-uitkering

De WW-uitkering duurt minimaal drie maanden, maar kan worden verlengd als je voldoet aan de arbeidsverledeneis. Je moet hiervoor in de vijf kalenderjaren voor het jaar waarin je eerste werkloosheidsdag is ingetreden in ten minste vier kalenderjaren over 52 of meer dagen loon hebben ontvangen. Is dit het geval, dan wordt de WW-uitkering verlengd met een maand voor ieder volledig kalenderjaar dat je arbeidsverleden de duur van drie kalenderjaren overstijgt. De maximale uitkeringsduur is 38 maanden. Deze eis geldt niet als je onmiddellijk voorafgaande aan de eerste dag van werkloosheid recht hebt op een uitkering als uit de Wet WIA, zoals een loongerelateerde WGA-uitkering of een IVA-uitkering. Een WAO uitkering geldt echter ook.

Regeerakkoord

Let op: het regeerakkoord tussen de VVD en de PvdA verlaagt de duur van de WW. Meer hierover lees je bovenaan deze pagina.

Hoogte WW-uitkering

Wat is de hoogte van een WW-uitkering? De WW-uitkering bedraagt de eerste twee maanden 75% van het (gemaximeerde) dagloon. Het gemaximeerde dagloon waarmee wordt gerekend bedraagt vanaf 1 januari 2013 €194,85. Dat betekent dat het dagloon waarmee gerekend wordt niet hoger kan zijn dan €194.85. Indien je met je baan dus bijvoorbeeld €250 per dag verdiende, zal er toch met €194,85 worden gerekend. Was je dagloon €100, dan wordt met dat bedrag gerekend. Vanaf de derde maand wordt het uitkeringspercentage van de WW-uitkering verlaagd naar 70% van het dagloon.

Aftrek inkomsten WW-uitkering

Een aantal inkomsten worden van de WW-uitkering afgetrokken, zoals inkomsten die door ouderdomspensioen worden ontvangen, als deze op dezelfde periode als de WW-uitkering betrekking hebben. De ontslagvergoeding die je van je werkgever ontvangt wordt echter niet van de hoogte van de WW-uitkering afgehaald. Als je met behoud van uitkering deelneemt aan een door het UWV als noodzakelijk aangemerkte opleiding of scholing, dan worden de inkomsten die je hiermee verwerft van de WW-uitkering afgetrokken.